Wat is liberalisme?
Liberalisme is een ideologie die voortkomt uit de Franse Revolutie en waarin het individu de centrale plaats inneemt. Het liberalisme gaat niet uit van de staat, niet van groepen in een samenleving of het algemene belang, maar neemt de individuele burger als uitgangspunt. Deze burger weet in de ogen van liberalen zelf het best wat goed voor hem is en moet dus in staat worden gesteld zoveel mogelijk zaken die zijn leven aangaan zelfstandig te regelen, zonder bemoeienis van bijvoorbeeld de staat.
De staat is in liberale ogen in de eerste plaats bedoeld om die zaken te regelen die de burger niet zelfstandig kan regelen, zoals justitie, defensie en collectieve goederen (zoals dijken en wegen). Voor de rest is het belangrijk dat de staat de burger de vrijheid geeft zijn leven in te richten zoals hem dat goed dunkt. Men kan dus zeggen dat de staat in het liberalisme een faciliterende rol heeft. Die rol wordt beperkt door de capaciteiten van het individu en eindigt dus daar waar de burger zelf in staat is zijn zaken te regelen.
Een tweede belangrijk fundament van het liberalisme is het geloof in de vrije markt economie. De Engelse econoom Adam Smith bewees in zijn beroemde werk "The Wealth of Nations" dat de moderne vrije markt economie met haar nadruk op arbeidsdeling en decentralisatie van informatie, de hoogste welvaart voor een samenleving als geheel produceert. In het liberalisme is de taak van de staat op het gebied van economie dan ook een beperkte. Zij schept de randvoorwaarden waarbinnen de vrije markt kan opereren.
Er zijn twee dominante stromingen binnen het liberalisme:
Het klassieke liberalisme en het ontplooiingsliberalisme.
Het klassieke liberalisme houdt streng vast aan de hierboven geschetste fundamenten van het liberalisme in zijn algemeenheid en wil de rol van de staat dan ook zo klein mogelijk houden, hetgeen ook geldt op het gebied van de economie. Men spreekt in dit verband wel van een "laissez faire kapitalisme". Hierbinnen is geen plaats voor herverdeling van inkomens en instituten als het minimum loon en uitkeringen.
Het ontplooiingsliberalisme stelt daartegenover dat vrijheid van overheidsinvloed pas wat betekent als de burger daar wat mee kan. De staat moet zijn burgers ook daadwerkelijk in staat stellen zichzelf te ontplooien en zijn eigen keuzes te kunnen maken. Daartoe moet de staat burgers ten minste be-staanszekerheid bieden door onder andere uitkeringen.
Het mag duidelijk zijn dat de meeste liberale partijen in de wereld, waaronder de VVD, zich inmiddels tot het ontplooiingsliberalisme bekeerd hebben.