VVD Kerkrade zeer kritisch over agenderen ontwerpbesluit Bestemmingsplan Buitengebied in de raadscommissie Grondgebied en Economische Zaken.
Tijdens de raadscommissie Grondgebied en Economische Zaken d.d. 14 maart jl. stond het ontwerpbesluit Bestemmingsplan Buitengebied op de agenda. Een bestemmingsplanwijziging die raakvlakken heeft met de corridor voor een mogelijk tracé van de buitenring. Dit ontwerpbesluit werd onlangs tijdens de raadsvergadering van november aangepast n.a.v. informatie die de VVD Kerkrade van de provincie had gekregen.
Wethouder Krasovec liet ambtenaar Habets tijdens deze commissievergadering kort toelichten wat de reden was van het intrekken van het aangepaste besluit (zonder deelkaart 2) zoals dat in een raadsvergadering tot stand was gekomen na de vragen en opmerkingen van onze kant (agendapunt 9). Daarna lichte dhr. Habets e.e.a. toe bij het ontwerpbesluit iz. het bestemmingsplan, dat volledig ongewijzigd was ten opzichte van het oorspronkelijke ontwerpbesluit (agendapunt 10). Deze uitleg van dhr. Habets kwam overeen met hetgeen wat staat verwoord in de nota van toelichting.
Hierop concludeerde de cie. voorzitter dat hiermee de bezwaren van de VVD Kerkrade van tafel waren en dat dit stuk dan ook zo door naar de raad kon.
Na deze voorbarige conclusie van de cie. voorzitter heeft burgercommissielid Elmar Gehlen van de VVD Kerkrade een reactie met volgende strekking gegeven:
" De VVD Kerkrade heeft het college in een commissievergadering gevraagd of de raakvlakken met de corridor van de buitenring niet voor conflicten zou zorgen. Mevr. Ilbrink heeft namens de gemeente hierop geantwoord dat dit niet het geval was waarna het stuk als akkoordstuk op de raadsagenda werd geplaatst.
In de raadsvergadering hebben wij er wederom op gewezen dat er wel degelijk mogelijke financiële risico's zijn indien een bestemmingsplan wordt vastgesteld voor een gebied binnen de corridor van de buitenring. E.e.a . vloeide voort uit informatie die wij zelf bij de provincie hadden ingewonnen.
In voorliggende stukken en in het betoog van dhr. Habets worden de opmerkingen van de VVD Kerkrade ontkracht. De nota van toelichting geeft ook aan waarom: de provincie deelt het standpunt van de gemeente, welk haaks staat op de visie van de VVD Kerkrade.
Uiteraard hebben wij na het lezen van de nota van toelichting de provincie om opheldering gevraagd: wat is er nu anders dan enkele maanden geleden? Het antwoord van de provincie was in eerste instantie vrij kort: niets.
Na wat meer speurwerk bleek dat er binnen de provincie nog onduidelijkheid is of de aanpassing van het bestemmingsplan nu wel of geen financiële gevolgen kan hebben voor de gemeente Kerkrade. Dit zou voortvloeien uit verschillende opvattingen van 2 provinciale afdelingen. De laatste informatie, en die is van gisteravond (dinsdag), was dat er eerst nog nader overleg zou plaatsvinden tussen provincie en gemeente alvorens de provincie een definitief standpunt zou innemen. De gemeente Kerkrade zou in afwachting hiervan hebben aangegeven dit agendapunt voor vanavond van de agenda af te willen voeren. E.e.a zou volgens onze informatie begin deze week ook ambtelijk zijn besproken.
Wij zijn dan ook verrast dat dit onderwerp toch vandaag wordt behandeld. Wij vragen dan ook het college of zij bekend zijn met deze informatie."
De cie. voorzitter stond niet toe dat wethouder Krasovec of dhr. Habets hierop zouden reageren. Hij was van mening dat Gehlen nogal wat 'beschuldigingen' uitte en adviseerde de commissie in te stemmen met het voorstel dat het college hier schriftelijk op zou reageren. Een meerderheid van de commissie stemde hier (uiteraard) mee in.
N.a.v. de reactie van het college zullen de fracties gepolst worden welke stappen verder zouden volgen en of dit stuk door kon gaan naar de raadsvergadering van 28 maart a.s.
Onze grootste zorg is dat de gemeente Kerkrade met deze bestemmingsplanaanpassing onnodige financiële risico's aangaat aangezien zij door het vaststellen van dit bestemmingsplan voor mogelijke vertragingschade aansprakelijk gehouden kunnen worden. Dat deze zorgen terecht zijn is reeds meermaals vanuit de provincie beaamt.
Wij verwijzen hiervoor ook graag naar de zeer eenduidige afspraak in het
bestuursconvenant:
"Partijen (...) zullen geen wijzigingen aanbrengen in de bestaande situatie in de gebieden zoals omschreven in artikel 2, leden 3 en 4 die de voortgang van het project Buitenring Parkstad Limburg kunnen beïnvloeden" (artikel 18, lid 21).
En verder:
"Partijen (...) zullen voornemens om wijzigingen aan te brengen in de bestaande situatie in de gebieden zoals omschreven in artikel 2, leden 3 en 4 melden, informeren en overleggen met partij A" (artikel 18, lid 2).
U bevindt zich hier:
Politiek
Politieke (re)actie