De letterlijke tekst inclusief motie:
Voorzitter,
Dit agendapunt bestaat uit 2 delen, namelijk het feitenrelaas van wethouder Terpstra met betrekking tot het proces inzake de fusie tussen Roda JC en Fortuna Sittard en de rol van de wethouder tijdens dit proces enerzijds en de uitkomsten van het UNO rapport met betrekking tot de totstandkoming van de financiële malaise bij Roda JC anderzijds. Laten wij hierbij niet vergeten dat beide rapporten in opdracht van de voltallige Raad, als voorwaarde voor de financiering van de 3 miljoen euro kostende transactie, tot stand zijn gekomen.
Uit het feitenrelaas van de wethouder en de uitkomsten van het door Provinciale Staten uitgevoerde onderzoek zijn een aantal zaken gebleken.
Op de eerste plaats heeft de wethouder een prominente rol gespeeld tijdens het fusieproces. Op zich behoort de wethouder zich, als bestuurder van de gemeente Kerkrade, op geen enkele wijze met dit proces te bemoeien. Echter, vanwege het feit dat hij als wethouder met de portefeuille financiën is belast, is zijn betrokkenheid bij dit proces dan toch te verklaren, anders dan de rol van de wethouder van financiën van de gemeente Sittard-Geleen. Hieraan liggen zoals bekend 2 redenen ten grondslag namelijk het door de Raad over zichzelf afgeroepen zwaard van Damocles in de vorm van de verleende gemeentegarantie en de toen nog lopende financiële tekorten van EUR 3 miljoen waarvan wij inmiddels weten hoe de meerderheid van de Raad hiermee is omgegaan. Inmiddels weten we ook dat de daarnaast nog openstaande schuld van Roda aan de gemeente Kerkrade ter hoogte van EUR 750.000,-, die trouwens ten tijde van het fusieproces al bekend was, door het College op inventieve wijze is weggepoetst waardoor het totaal dus op EUR 3.750.000,- aan overheidssubsidie komt. Maar dit even terzijde.
Gelet dus op de gemeentegarantie in combinatie met de financiële tekorten bij Roda was het de wethouder dus alles aan gelegen om te bewaken dat onze gemeente toekomstige financiële tegemoetkomingen bespaard zouden blijven. Hieruit blijkt dan ook dat de wethouder, ondanks het feit dat hij de Raad positief heeft geadviseerd om tot de 3 miljoen-transactie over te gaan, in wezen niet vindt dat de gemeente als financierder van Roda met optreden. Bij zijn bemoeienissen om de gemeente derhalve in de toekomst te behoeden voor verdere financiële tegemoetkomingen heeft hij zich hierbij laten leiden door toezeggingen van een aantal onbetrouwbare figuren binnen het Provinciale bestuur. Hierbij doel ik op de toezegging van CDA gedeputeerde Lebens jegens de wethouders Krasovec en Terpstra van 17 maart 2009, de toezegging van provincieambtenaar Smelen jegens wethouder Terpstra van 24 maart 2009, wederom de toezegging van CDA gedeputeerde Lebens jegens wethouder Terpstra van 25 maart 2009 en de toezegging van PNL Statenfractievoorzitter Franssen jegens wethouder Terpstra van 28 maart 2009.
De les die de wethouder volgens ons hieruit mag trekken is het gegeven dat hij dus niet zomaar moet vertrouwen op het woord van provinciale bestuurders zolang deze geen VVD’ers zijn.
De vraag die ik in dit kader gelijk aan de wethouder wil stellen is de volgende. De schuld van Roda aan de gemeente Kerkrade met betrekking tot de kunstgrasvelden ter hoogte van EUR 750.000,- was reeds in dit stadium bij u bekend. Heeft u, met de genoemde toezeggingen in uw achterhoofd, gehoopt dat deze schuld zou worden terugbetaald op het moment dat de Provincie haar toezeggingen zou nakomen?
Onze conclusie met betrekking tot het feitenrelaas is dan ook dat de provinciebestuurders een spelletje hebben gespeeld met elke partij die betrokken is geweest bij het fusieproces. De wethouder heeft, volgens onze fractie, een te nadrukkelijke rol gespeeld tijdens dit proces. Met name de STAK Roda JC en de Stichting Roda JC heeft hij dermate beïnvloedt dat deze stichtingen uiteindelijk hebben ingestemd met de fusie. Nu zou een politieke veroordeling door mijn fractie jegens de wethouder in dit kader voor de hand liggen. Gelet echter op het feit dat de drijfveer van de wethouder gelegen was in de toekomstige financiële gevolgen voor onze gemeente, is deze veroordeling dan ook niet op zijn plaats aangezien wij deze drijfveer dan ook ondersteunen. Anderzijds zijn wij ook van mening dat de uiteindelijke keuze voor een fusie gemaakt had moeten worden door de genoemde stichtingen op basis van andere argumenten dan het financiële belang van de gemeente die de Raad zichzelf uiteindelijk mag verwijten.
Als gevolg hiervan lijkt een motie van treurnis jegens de wethouder dan ook gerechtvaardigd. Deze motie zullen wij echter ook niet indienen, gelet op het feit dat de wethouder niet persoonlijk te verwijten valt dat de Raad in 2005, in de vorige raadsperiode en dus niet onder de verantwoording van deze wethouder, de beslissing heeft genomen om een gemeentegarantie te verlenen.
Dan het UNO rapport.
Laat ik beginnen met de verklaring dat ik gehouden ben aan het raadsbesluit waarbij is besloten dat slechts een deel van het rapport openbaar is gemaakt. Ondanks het feit dat ik namens mijn fractie heb aangegeven dat wij deze handelswijze niet ondersteunen ben ik dus gedwongen om mij aan het raadsbesluit te confirmeren en zal ik dan ook, aangaande het rapport, verder geen namen meer noemen.
Onze bevindingen met betrekking tot de uitkomsten van dit rapport hebben voor een deel raakvlakken met onze bevindingen met betrekking tot het feitenrelaas van de wethouder. Hierop kom ik zo meteen nog terug.
Ik wil het op de eerste plaats hebben over de verdeling van de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de STAK Roda JC, de Raad van Commissarissen en de statutaire directie.
Wanneer wij uiteindelijk gaan inzoomen op de financiële situatie waarin Roda JC is terechtgekomen dan moeten wij de conclusie trekken dat deze drie bestuurslagen op een ronduit amateuristische wijze hebben gewerkt. Hierbij lijkt het persoonlijke belang van de verschillende functionarissen belangrijker te zijn geweest dan het belang van de club. Dit is dan ook, gelet op de financiële consequenties voor de gemeente, voor de toekomst onaanvaardbaar voor onze fractie. Wij pleiten er dan ook voor, middels een motie, om het College de opdracht te geven om de nieuwe Roda organisatie te overtuigen van het nut om de functionarissen welke deel hebben uitgemaakt van de genoemde organen te vervangen door nieuwe. Concreet zou dit dan betekenen dat de functionarissen die op dit moment nog deel uitmaken van de genoemde bestuursorganen geadviseerd zou moeten worden deze functie neer te leggen. Wij vinden dan ook dat geen nieuwe start van een organisatie mogelijk is met de oude functionarissen aangezien wij de overtuiging hebben dat de bestuurlijke structuur niet de oorzaak is van de financiële malaise bij Roda maar de invulling door de functionarissen van deze structuur. Hierbij doelen wij trouwens niet op de heer Van Geel die, gelet op zijn korte dienstverband, geen verwijt te maken valt. Sommige verantwoordelijken hebben reeds hun functie in een eerder stadium neergelegd en ik moet u dan ook vertellen dat mijn fractie dan ook ontzettend veel moeite heeft met het feit dat deze en gene het zinkende schip hebben weten te verlaten en ook nog in staat zijn gebleken om over te stappen op een reddingsboot waar ze dan ook nog eens warm onthaald zijn en zelfs zijn onderscheiden voor hun getoonde moed. Het is voor de bemanning van de reddingsboot te hopen dat deze voor hen nieuwe kapitein nu wel het belang van het schip koestert.
Dan de toezichthoudende rol van de gemeente.
Uit het rapport blijkt dat de toezichthoudende rol van de gemeente niet uit de verf is gekomen. Op zich natuurlijk geen verrassing aangezien wij pas aan het begin van dit jaar werden geconfronteerd met een situatie waarin geen enkele bijsturing meer mogelijk was. Zoals ook uit het rapport valt te lezen werd slechts achteraf gecontroleerd, daar waar bijsturing het doel was.
Waaraan ligt dit en wie is dus verantwoordelijk voor dit feit?
Op de eerste plaats hebben wij de stellige overtuiging dat de opdrachtformulering aan de afgevaardigde van de gemeente onjuist is geweest. Op de tweede plaats had deze functionaris, met het besef van de doelstelling van zijn missie, natuurlijk veel eerder aan de bel moeten trekken bij het College om het gat tussen de geformuleerde opdracht en de effectiviteit van zijn werk te communiceren.
Als gevolg van de deze constatering willen wij dan ook in de reeds genoemde motie tevens deze functionaris laten vervangen door een geheel andere wijze van toezicht voor te stellen. Mijn fractie ziet in dit kader dan ook het meeste heil in het afdwingen van het recht op het bijwonen van de vergaderingen van de diverse organen en het recht op inzage in notulen van de vergaderingen van de diverse organen, alsmede het recht op de rapporten van de auditcommissies. Hierdoor beperken wij ons tot de toezichthoudende rol in bemoeit de gemeente zich niet primair met de bestuurlijke en operationele zaken van de BVO.
Motie:
Motie inzake functionarissen toekomstig bestuur Roda JC en het toekomstig gemeentelijk financieel toezicht bij Roda JC.
De gemeenteraad van Kerkrade in vergadering bijeen op 19 oktober 2009;
Overwegende dat;
· De gemeente Kerkrade een meerderheidsbelang heeft in het Parkstad Limburg Stadion en er derhalve een grote afhankelijkheid is van de BVO die het stadion zal huren;
· De gemeente Kerkrade zich door het verlenen van een aanzienlijke bankgarantie in een positie heeft gemanoeuvreerd waardoor de afhankelijkheid van de betreffende BVO nog meer aanwezig is;
· De uitkomsten van het door UNO uitgebrachte rapport hebben laten zien dat de bestuursfunctionarissen in de afgelopen jaren hebben gefaald om Roda JC financieel verantwoordelijk te leiden;
· De gemeenteraad van Kerkrade in de gelegenheid moet worden gebracht om zich een goed beeld te kunnen maken van de financiële risico’s die de gemeente Kerkrade loopt n.a.v. de eerder genoemde belangen;
Besluit;
· Het College de opdracht te geven om er bij het huidige bestuur van Roda JC op aan te dringen om de bestuurders welke toerekenbaar verantwoordelijk zijn voor de huidige financiële situatie te laten vervangen door nieuwe bestuurders;
· Het College de opdracht te geven om diens huidige vertegenwoordiger inzake de toezichthoudende taak te ontslaan van diens verplichtingen en bij Roda JC het recht af te dwingen op het bijwonen van de vergaderingen van de diverse organen en het recht op inzage in notulen van de vergaderingen van de diverse organen, alsmede het recht op inzage van de rapporten van de auditcommissies.
en gaat over tot de orde van de dag.
VVD Kerkrade,
Dion Schneider
U bevindt zich hier:
Politiek
Politieke (re)actie