Fusie College Rolduc (letterlijke tekst tijdens raadsvergadering).
22 jan 2009, 12:05 Namens mijn fractie wil ik hierbij op de eerste plaats nogmaals benadrukken dat de VVD het emotioneel moeilijk heeft gehad en nog steeds heeft met de op handen zijnde fusie en de daarbij voorgenomen locatiewijzigingen. Niet voor niets heeft ook de VVD de motie ondertekend waarbij het College de opdracht heeft gekregen om op zoek te gaan naar mogelijkheden om naar alternatieven te zoeken waardoor de genoemde plannen zouden kunnen worden aangepast en er een volwaardig studieaanbod voor het gehele voortgezet onderwijs in Kerkrade behouden zou kunnen blijven.
Inzake dit dossier wil ik graag twee zaken belichten, namelijk de wijze waarop in de afgelopen maanden dit dossier tot een wild west tafereel is uitgegroeid en daarnaast uiteraard onze mening over de inhoud en de totstandkoming van de door de gemeente Kerkrade ondertekende overeenkomst met de SVOPL.
Laat ik beginnen met het eerste. De VVD is van mening dat de woede die is ontstaan bij de belanghebbenden in dit dossier volkomen begrijpelijk is. Het verwachtingsniveau dat door het College en daarna de CDA fractie is gecreëerd blijkt niet reëel te zijn. Wij zijn dan ook van mening dat het College in het algemeen en de portefeuillehouder specifiek te verwijten valt dat de uitspraken die door hem zijn gedaan tijdens de manifestatie op de markt ongenuanceerd en te voorbarig zijn geweest. De volgorde van inventarisatie van de nog voorhanden zijnde mogelijkheden en de communicatie hieromtrent heeft, naar onze mening, niet in de juiste volgorde plaatsgevonden. Het was beter geweest om eerst te inventariseren en vervolgens met een geloofwaardig en duidelijk verhaal het gesprek met de belanghebbenden te hebben.
Daarna wordt er nog eens olie op het vuur gegooid door de CDA fractie. Over de procedures met betrekking tot het inspreekrecht heeft de voorzitter al uitvoerig uitleg gegeven.
Daarnaast heeft de heer Ruiters in het LD uitgesproken dat: de strijd nu pas begint. Ik heb oprecht gehoopt dat de heer Ruiters deze uitspraak heeft gedaan met het oog op een voorhanden zijnde initiatief waarbij de continuïteit van het College Rolduc in haar huidige vorm gestalte zou kunnen krijgen. Aangezien de heer Ruiters, namens zijn fractie, tijdens het fractievoorzittersoverleg met de wethouder geen afkeuring of bijstelling heeft aangegeven met betrekking tot het toen nog voorgenomen besluit om de overeenkomst met de SVOPL te sluiten, ging mijn fractie er tot vanavond nog vanuit dat dit door ons gehoopte initiatief van het CDA alsnog tijdens de raadsvergadering van vandaag zou worden ingebracht.
Naar nu blijkt is deze hoop vals gebleken.
De krasse taal die door de heer Ruiters is gebezigd in het genoemde krantenartikel heeft dan ook, net zoals de eerder aangegeven actie van de wethouder, geleid tot het creëren van een irreëel verwachtingsniveau bij de belanghebbenden.
Deze stellingname van het CDA waarbij wordt aangegeven dat de strijd nu pas begint vinden wij dan ook verwerpelijk. Raadsleden dienen zich met betrekking tot alle dossiers en zeker met betrekking tot dit gevoelig dossier te buigen over de inhoudelijke beoordeling van de kwestie. De wijze waarop het CDA zich in de afgelopen tijd heeft willen profileren getuigt va het voeren van, zoals ik het wil noemen, emopolitiek. Namelijk het bewust misbruik maken van de emotie van belanghebbenden om zodoende eigen electoraal voordeel te creëren. Hierbij wordt het gezamenlijk doel van zowel het College, de Raad alsook van de belanghebbenden, zijnde een zo goed mogelijke toekomst voor het voortgezet onderwijs in Kerkrade niet alleen gepasseerd maar zelfs beschadigd. Daarnaast wordt op deze wijze het vertrouwen van de burgers in de politiek bewust geschaad.
Dan de inhoudelijke stellingname van onze fractie inzake dit dossier.
Op de eerste plaats de historie.
Mijn fractie heeft bedenkingen bij de rol van de wethouder in de afgelopen jaren. Wij hebben dit ook reeds aangegeven in onze meest recente algemene beschouwingen. Graag zouden wij dan ook antwoord van de wethouder willen krijgen op de volgende vragen:
Wanneer heeft u voor het eerst opgemerkt dat een groot deel van alle Kerkraadse Havo en VWO leerlingen kiezen voor een onderwijslocatie buiten Kerkrade?
Welke acties heeft u in het verleden ondernomen om het motief van deze leerlingen te achterhalen en welk motief is dit met name?
Heeft u gesprekken gevoerd met de SVOPL om deze tendens te kunnen ombuigen?
Dan het heden.
De wethouder heeft uitgelegd waarom hij de beslissing heeft genomen om de overeenkomst met de SVOPL op deze wijze aan te gaan. Helaas, en dan helaas in de zin van dat hierbij geen continuïteit voor een volwaardig studieaanbod in Kerkrade is gegarandeerd, moet mijn fractie constateren dat de wethouder in deze fase en uitgaande van alle juridische, financiële en demografische aspecten, de enig voor de hand liggende keuze heeft gemaakt. Op juridische basis vallen de gepresenteerde plannen van de SVOPL niet aan te vechten. Wanneer je kijkt naar de minimale eisen om een volwaardig studieaanbod te kunnen faciliteren in kwaliteits- maar ook in financiële zin dan kan mijn fractie enkel aangeven dat wij wel akkoord móéten gaan met deze overeenkomst omdat wij geen andere mogelijkheid zien.
Echter, met betrekking tot de kans van slagen om straks wel voldoende kinderen gebruik te laten maken van het totaalaanbod in Kerkrade, hebben wij naast de eerder gestelde vragen nog een aantal vragen aan de wethouder, namelijk:
Op welke wijze wilt u ervoor gaan zorgen dat nagenoeg alle Kerkraadse Havo en VWO leerlingen zullen gaan kiezen voor een locatie in Kerkrade?
U bevindt zich hier:
Politiek
Politieke (re)actie